We namen de tweede groepsstart en gingen direct een rotvaart, maar ja, wat wil je, 60 meter afdalen in nog geen twee kilometer was direct goed voor de hoogste snelheid van de dag. De eerste lus bracht ons na een paar goedlopende paden vrijwel terug tot op het vertrekpunt, waar ik direct de drop herkende, die vorig jaar het einde van mijn vork en mijn deelname betekende. Dit keer vloog ik erdoor zonder problemen.
We hadden al een beetje geklommen, maar niet echt, dat deden we toen we de poort van het sportcentrum buitenreden. Het liep al wat minder vlot, maar een straffe afdaling door iets wat gerust een alpenweide kon zijn liet me toe terug aan te sluiten.
Het was een feestdag voor de Belgen onder ons. De Zwitsers waren nu aan het koersen voor dood, wij genoten van het parcours en elkaars gezelschap, zelfs al moesten we nu en dan eens stoppen om iemand op te wachten of onze adem terug te vinden.
Bostracks en stukken asfalt (jammer genoeg klimmende stukken asfalt) wisselden elkaar af. Langs de kant van de weg stonden heel veel bikers met problemen, maar ik denk dat er hier en daar ook tussen stonden die hun hartslag naar beneden probeerden te krijgen.
De laatste tweehonderd meter naar de eerste bevoorrading deed ik te voet. De klim naar de top van het motorcross parcours was respectabel, maar na een natje en een droogje zouden we afdalen, yippee yeah.
Ik ging even langs
Toen de afdaling dan eindigde in een moerassige greppel ging Motorbiker even over kop, wat ons een nieuwe term voor greppels opleverde: "een Motorbikerke". We zouden er nog een aantal vinden op onze route, maar enkel de eerste was spectaculair te noemen. De rest van de lus bracht ons terug bij het MX parcours, maar belangrijker, terug boven op de Casselberg, voor de tweede bevoorrading.
Deze bevoorrading was opnieuw een buffet (veel organisaties zouden hier toch eens moeten komen naar kijken) en we gingen er weer vandoor. Een lusje weg van de bult, maar lap, 180 graden en weer erop. Elke oversteek stond er volk van de organisatie de wagens tegen te houden, waardoor wij door konden vlammen (bergaf) naar het bos aan het College Sainte Marie, dat zeer de moeite was.
Dit is duidelijk Frans-Vlaanderen. De straten heten niet "rue" maar "straete" en plat zijn ze nooit, duidelijk niet "le plat pays"... We gingen een spoorwegbrug over en daar was ze, de kramp in mijn benen. Een paar veldwegels later terug zo'n brug, waar ik op de grote plateau opreed. Niet om te imponeren, maar om kramp te vermijden ging ik er "en danseuse" op.
Terug naar Cassel en ik slaagde er zelfs in terug in de kopgroep te blijven, tot we aan de voet van Mont Cassel aankwamen. Het ging niet meer. Het vat was af en de suikers waren op. De ene na de andere biker ging me voorbij, toen ik aan een slordige 5 km per uur naar boven kroop. Nondenondenonde. De klim op asfalt bleef duren en kon me niet boeien.
Een laatste paar klimmetjes door het bos en hop, we waren terug bij af, waar we ons broodje en drankje in de zon met heel veel plezier en wat krampen konden verorberen.
Prachtige rit, buiten categorie in een prachtig weertje.
Gereden afstand: 57.45 km
Totale rijtijd: 3:44'40
Gemiddelde snelheid: 15.3 km/u
Hoogste snelheid: 54.6 km/u
Hoogtemeters: 1132 m
En een hoogtemeterkaartje voor de duidelijkheid... (klik voor een volledige/duidelijke versie)
Grotere kaart bekijken

Geen opmerkingen:
Een reactie posten